Lampenkap

Lampenkap - Strook - acrylpen op papier - 91 x 26,5 cm
Lampenkap  –  Strook  –  acrylpen op papier  –  91 x 26,5 cm

Nadat ik de Möbiusring, oneindig hetzelfde, gemaakt kwam ik op het idee om een lampenkap te maken met een gelijksoortig patroon als dat van de Möbiusring.
Het heeft wat anders uitgepakt, wel ben ik driehoeken baan maken in de geest van het  Sierpinski patroon maar al gauw zag ik zeshoeken ontstaan en heb daar binnen cirkels gemaakt.
De patronen op de onder en bovenrand zijn twee teksten die in een code van cirkels en driehoeken weergegeven zijn, niet al te moeilijk te ontcijferen (denk ik).
Hieronder nog twee foto’s van de lampenkap in actie.

Gele lis

Gele lis - acryl op canvas - 120 x 100 cm
Gele lis – acryl op canvas – 120 x 100 cm

Op 1 juni begon vroeger het visseizoen en dan ging ik met mijn vader vissen. Niet het vangen van een vis was voor mij de belangrijkste reden om mee te gaan maar het, in alle rust en stilte, zitten langs de waterkant. In die periode bloeit, en bloeide, de gele lis.
Het verscholen zitten achter en tussen de bladeren van de lis was voor mij mysterieus.

Al lange tijd wilde ik om bovenstaande reden een schilderij maken van een groep gele lissen, en nu is het er dan ook van gekomen.
De uitdaging zat in het creëren van diepte in de grote hoeveelheid bladeren van de lis en het vinden van een grote hoeveelheid groenen voor al die bladeren.
Het is niet naar een foto geschilderd, zoals wel vaker bij mij, maar een geheel eigen ontwerp.

De poel

De poel - acryl op canvas - 110 x 90 cm
De poel – acryl op canvas – 110 x 90 cm

Het 5e schilderij in de serie van het magische bos.
De titel is “de poel” want centraal op het doek is een (rode) poel waarvan het oppervlak met organismen (zijn het bloemen?) is bedekt.
Net als op de andere doeken zijn er ook op dit doek allerlei wezens te ontdekken. Soms zijn ze makkelijk te zien en soms moet je er dicht bij staan.

Een dergelijk doek schilderen kost mij veel tijd en ook veel energie. Ik wist dat er een rode poel moest zijn en dat was alles toen ik begon. Tijdens het schilderen ontstaan de ideeën die ik wil schilderen. Omdat ik van achter naar voren schilder begin ik eerst met de achtergrond, een dicht bos. Dan steeds verder naar voren, weer bomen en bladeren. Vervolgens steeds grotere bomen en dan …, dan val ik stil. Het bos moet gevuld worden, maar met wat. Een beeld krijgen hoe het dan verder moet is een periode die niet fijn is, je wil beginnen maar voelt steeds een blokkade.
En opeens is het daar, geringde ronde vormen kwamen de poel uit en staken naar boven. Daarna loopt het als vanzelf.

Wel moet ik oppassen niet ieder stukje, dat niet begroeit is of waar geen wezentje is te vinden, in te vullen. Als ik dat gevoel krijg moet ik stoppen.